Vijf hoopvolle gedachten wanneer je denkt te falen

fail 2

Moeders hebben allemaal iets gemeen: ze zien hun kinderen ongelooflijk graag. Vaders ook trouwens. Ze willen hun kinderen ook heel graag gelukkig maken. Niets geeft een moeder meer plezier als zien dat haar kinderen gelukkig zijn. Ze voelt zich daarvoor ook geweldig verantwoordelijk. Altijd. Elke minuut van de dag. Daardoor is ze ook vaak bezorgd over wat de impact is op de kinderen wanneer mama uitgeput, verdrietig, boos of tekortschiet. Op welke manier dan ook. Soms kan je als moeder echt het gevoel hebben dat je faalt, dat je de slechtste moeder bent op deze aardbol. Dan wil je liefst ergens in een donker hoekje kruipen en er niet meer uitkomen. Het moederschap is inderdaad met momenten soms zwaar en dan is het goed te lezen dat een slechte dag niet heel het leven bepaalt en vooral dat je niet alleen bent.

1. Je hebt een slechte dag, je bent geen slechte moeder.

Elke moeder kent het gevoel dat ze faalt, tekortschiet, het is gewoon je dagje niet. Misschien ben je ziek of heb je te weinig geslapen of je partner is in het buitenland of je hebt er even genoeg van om te zorgen en te luisteren en begripvol te zijn. Je wil op een terras zitten met een glas wijn en geen kinderen die iets willen. Om welke reden dan ook: het gaat je niet af. Je hoort jezelf zeuren, roepen, zuchten en je geduld verliezen. “One of those days…” denk je dan.

Hou jezelf voor dat je menselijk bent. Mensen maken fouten, leren eruit. Je bent geen superwoman die alles perfect hoeft te doen. Jij bent niet het gedrag dat je stelt, morgen is weer een nieuwe kans. Maak het jezelf makkelijk en comfortabel.

2. Een slechte dag verknoeit niet hun kinderjaren.

Hoéveel impact een slechte dag of periode heeft, is moeilijk te zeggen. Heel veel hangt ook af van de persoonlijkheid van je kind. Wat voor het ene kind uit een gezin een drama is, kan de andere zich later niet meer herinneren. Kinderen zijn bovendien veerkrachtig en flexibel en kunnen echt wel tegen een stootje. Natuurlijk maak je fouten. Je neemt beslissingen waarvan de consequenties niet te overzien zijn. Je zegt woorden die je niet meent. En je leert met die fouten te leven omdat moeder zijn een proces is van vallen en opstaan. Je doet je best. Je blijft in contact. Je geeft liefde. En zij doen hetzelfde.

3. Facebook is het leven niet.

Het internet geeft je alleen maar mooie plaatjes. Geloof niet wat je ziet. Elke moeder heeft dagen dat ze het gevoel geeft dat ze tekortschiet en er echt niks van bakt. De dag erna is dat weer anders. Spiegel je dus eerder aan mama’s van vlees en bloed dan aan de perfectie op het internet.

4. Je stelt je vragen, dat alleen al betekent dat je niet faalt.

Iemand die zich nooit afvraagt of ze goed bezig is, zal ook nooit bijsturen. Jij wikt en weegt tot je denkt de juiste keuze gemaakt te hebben. Het feit dat je je afvraagt óf je goed bezig bent, zegt veel over je intentie om het goed te doen met je kinderen. Je bent bezorgd. Je hebt het beste voor. Ook al is het soms zwaar, je wilt het beste voor je kinderen. Dat siert je en maakt je op zich al een topmoeder!

5. Alles komt en gaat in fasen. Ook het leven.

Moeders weten maar al te goed dat kinderen zich ontwikkelen in fasen. De ene week zijn ze engeltjes, de week erop halen ze het bloed onder je nagels. Niets blijft voor altijd, alles gaat voorbij. Het leven is een rollercoaster met ups en downs, met vreugde en verdriet. Dat is een wetmatigheid. Het is heel okee om een slechte dag te hebben, zowel voor ons als voor onze kinderen. Het is niet nodig om je daarvoor op de kop te geven. Morgen is het weer anders. Na regen komt altijd zonneschijn.

Mildheid voor jezelf en een beetje relativering helpen echt om de stormen van het moederschap te doorstaan.

Hoe een kind je relatie onder druk kan zetten

shutterstock_195656312Een kind zorgt ervoor dat je relatie danig onder druk komt te staan. Ook al willen we dat niet en nemen we ons voor om dat niet te laten gebeuren, het gebeurt toch. Bij de ene al wat meer dan bij de andere. De beleving en de verwachtingen zijn hierbij natuurlijk ook cruciaal. Waar het ene koppel geen last van ondervindt, gaat het andere koppel van lopen. Maar zeker bij een eerste kan het gebeuren dat de relatie even davert op haar grondvesten. Hiervoor zijn er uiteenlopende redenen.

1. Jij moet je aanpassen aan het moederschap en dat heeft tijd nodig. Je zoekt je weg, loopt soms verloren en je wordt opgeslorpt door dat kleine monstertje dus minder aandacht voor je partner.

2. Hij moet zich aanpassen aan het vaderschap en dat heeft tijd nodig. Hij zoekt zijn weg maar vooral zijn vrouw (!) en hij wordt opgeslorpt door de 1001 veranderingen die een baby met zich meebrengen.

3. Iedereen is moe. Need to say more?

4. Seks is iets wat vroeger spontaan gebeurde. Nu moet het momentum er zijn (lees: de kleine slaapt of is er niet) en je moet dan nog tegelijkertijd zin hebben en niet omver vallen van vermoeidheid. Dit kan voor verwijdering zorgen want zoals we weten verbinden mannen zich vooral via het fysieke stuk van de relatie. Bij meerdere kinderen in huis is het vaak een kwestie van…ja…snel zijn. :)

5. Een kind krijgen maakt een relatie opeens ook een stuk “echter“. Je raakt niet zomaar meer van elkaar af. Want dat kind hebben jullie samen. Voor altijd. Dat zorgt ervoor dat er extra stress naar boven kan komen want “is hij nu wel écht de man waarmee je oud wil worden?” Maar écht he? Opeens zie je alles tien keer vergroot en tien keer zo groot. Is hij het wel met al die beperkingen? Soms twijfel je heel erg en slaat de paniek toe want JULLIE HEBBEN WEL EEN KIND SAMEN HE!! En zo verzeil je al snel in een beklemmende vicieuze cirkel.

6. Vroeger bestond jullie dag uit werken, eten, slapen, feesten en vrijen. Veel was er niet om ruzie over te maken. De vermoeidheid zorgt voor een tunnelzicht wat leidt tot meer discussies en er is gewoon ook meer om ruzie over te maken.

7. Iedereen leidt aan een chronisch tekort aan aandacht. Zeker in een groot gezin (denk 3, 4, 5 kinderen) is het constant een gevecht om aan je trekken te komen. Ook voor de ouders. Er is altijd wel iets te doen of te regelen. En dit verhoogt de spanning aanzienlijk.

8. Kinderen staan gelijk aan onvoorspelbaarheid. Wil je net de deur uitstappen om met twee iets te gaan eten, begint peuter 1 te kotsen. Sta je in volle naaktheid klaar om het bed in te duiken, wordt baby 2 wakker. Zit je net in de sofa om met twee een tas thee te drinken en bij te praten, roept kleuter 3 jullie omdat hij een nare droom heeft. In een gezin met kinderen (of dat er nu veel of weinig zijn),  gebeuren er veel onvoorziene gebeurtenissen die de focus weghalen van  elkaar.

9. Moeder en vader worden verandert je ook. Wat je vroeger evident vond, vind je nu raar of onoverkomelijk. Dat zorgt ervoor dat het lijkt dat jullie vreemden van elkaar zijn geworden waardoor de discussies over de meest banale dingen elkaar opvolgen. (wel of geen fruitpap, wel of geen jumpsuits, wel of niet laten huilen).

Gelukkig is het niet allemaal kommer en kwel. Samen een kind hebben, zien opgroeien, die liefde voor dat kleine ukkie delen, is fantastisch. Het kost soms een paar maanden of jaren tot iedereen zijn plekje heeft gevonden maar als koppel samen één of meerdere kinderen grootbrengen heeft zeker zijn waarde. Een stevige relatie kan de storm van de tropenjaren ook zeker doorstaan.

En hoe je, zelfs met een  troep kinderen, toch een liefdevolle duurzame levendige relatie kan behouden, lees je in een volgend artikel.

 

Wanneer kan begeleiding je deugd doen?

Hulp

Ik geloof heel erg in het zelfhelende vermogen van de mens. We kunnen veel dragen. Echt waar. In de meeste momenten van ons leven zijn we in staat om dankzij onze veerkracht, weerbaarheid en kracht te blijven functioneren en overeind te blijven. Gelukkig maar!

Je hebt ook fasen in je leven dat het prettig is om een gids te hebben die wat wegwijzers uitzet. Dat vergemakkelijkt het proces maar het is niet levensnoodzakelijk. De opsomming hieronder geldt dus niét voor deze situaties.

Soms lukt het evenwel echt echt niet meer en is het belangrijk voor je welzijn (en van je omgeving) dat je hulp zoekt. Je kan stellen dat het een kwestie is van leven of dood. Ik geef toe: de lijn is dun. Eigenlijk kan niemand de grens voor jou bepalen. Soms kan het voldoende zijn om een afspraak te maken met een hulpverlener om een klik te maken in je hoofd. Of iemand zegt op het juiste moment de juiste woorden om je in beweging te brengen. Het zijn dus “maar” richtlijnen. Geen waarheden in steen gebeiteld. Als je voelt dat je hulp nodig hebt, dan moet je dat vooral gewoon doen.

Van de opgesomde lijst moeten er minstens vier eigenschappen voldaan zijn en je ervaart dit al meer dan vier weken. Ik som ze op in willekeurige volgorde.

– je loopt rond met zelfmoordplannen die concreet worden (wat, hoe, waar, wanneer)

– je slaapt niet meer of elke nacht maximum 4 uur in totaal of je valt letterlijk overal in slaap. Dit (en andere zaken) zorgt ervoor dat je emotioneel en fysiek compleet uitgeput bent. Pardon. Uitgeput is nog een understatement.

– je hebt waanbeelden (je denkt dat je dingen gedaan hebt maar deed ze niet, je ziet of hoort mensen of stemmen, je denkt dat er complotten gesmeed worden tegen jou)

– de dagdagelijkse activiteiten zijn onmogelijk: autorijden, koken, naar de winkel gaan, voor je kinderen zorgen, je aankleden, opstaan, voor jezelf zorgen,…

– je huilt heel erg veel. Maar echt heel veel.

– je hebt geen enkele zin meer in wat dan ook

– je hebt meerdere keren per dag angst- of paniekaanvallen

– je voelt je ellendig en leeg: de hele dag door, elke dag

– je raakt constant verstrikt in je eigen gedachten wat je moedeloos en down maakt

– je partner dreigt met een scheiding als er niets verandert

vrienden drukken menigmaal hun bezorgdheid uit, zeggen dat je zoveel bent veranderd en/of dat je er zo ongelukkig uitziet

– je denkt regelmatig dat je er niet meer wil zijn. Niet omdat je dood wilt maar omdat je dan verlost bent van al je zorgen.

– je verliest op korte tijd veel gewicht of je komt op korte tijd veel bij

– je hebt fysieke klachten (hoofdpijn, buikpijn, duizeligheid, hartkloppingen, overmatig zweten, eczeem, drukkend gevoel op de borstkas, jeuk, pijn, migraine,…)

je wilt hulp (niet onbelangrijk) en je wilt  het anders (heel belangrijk)

– je voelt dat je een gevaar bent voor anderen omdat je boosheid alsmaar sneller en vaker omslaat in woede. Voor je partner bijvoorbeeld maar ook voor je kinderen. Wanneer je, ik zeg maar wat, alsmaar meer de neiging moet onderdrukken om je baby door elkaar te schudden of je geeft je kinderen vaak een rammeling, dan is het tijd voor actie.

De stap zetten naar een hulpverlener gaat in verschillende fasen. Eerst is het een ballonnetje in je hoofd dat meer en meer wordt opgelaten, dan durf je het te denken, vervolgens zeg je het tegen jezelf en als laatste spreek je het uit tegen anderen. De allerlaatste stap is dan ook echt iemand zoeken die jou kan helpen. Ik weet het, dat is een grote stap en eng en beangstigend en je voelt je kwetsbaar as hell en je krijgt misschien al hartkloppingen bij de gedachte alleen. Maar bedenk dat je niet de eerste bent en zeker niet de laatste die het waard is om hulp te krijgen. En psychologen en therapeuten horen zeer, zéér veel verhalen, elke dag opnieuw. Zelden is het een verhaal dat ze nog nooit gehoord hebben. Tot zover de uniciteit van menselijke miserie.

Tips voor de zoektocht naar een goede hulpverlener vind je hier.

Veel moed, wijsheid en warmte.

Blauwe Maandag

 Iets bijzonders gevoeld vanmorgen? Misschien een beetje meer down dan anders? Wat somber of neerslachtig? Als dat al niet het geval was, dan zeker na dit artikel want -hou je vast- het is Blauwe Maandag. En ook al lijkt dat familie van Witte Donderdag, helaas pindakaas. Het is volgens de Britse psycholoog Cliff Arnall de somberste dag der sombere dagen. Hij heeft hiervoor een eenvoudige verklaring. De dagen zijn nog kort en donker, niet direct vakantie in het verschiet en die goede voornemens van drie weken geleden zijn al om zeep. Maar niet getreurd. Gelukkig is er meer nodig dan dat om je in een depressie te duwen. Het woord is gevallen: depressie. Ik neem deze smurfige dag ter harte om het eens heel sec over depressie te hebben.

De-pressie

Voor het gemak leg ik nog even uit wat voor de medische wereld een depressie is. Een depressie is een stemmingstoornis waarbij moet voldaan worden aan een aantal eigenschappen om écht van een depressie te kunnen spreken. Algemeen moet er gedurende twee weken of een depressieve stemming aanwezig zijn of een duidelijke vermindering van plezier of interesse in activiteiten. Één van deze twee symptomen moet vergezeld worden van minstens vier van de volgende symptomen:

– gewichtsvermindering of toename zonder dieet of iets dergelijks,

– slapeloosheid of teveel slapen,

– hyperacticiviteit/rusteloosheid of trager bewegen dan normaal, 

– vermoeidheid of verlies van energie,

– gevoelens van schuld of waardeloosheid of hulpeloosheid of angst, 

– verminderd vermogen tot concentreren of focus of besluiten nemen,

– terugkerende gedachten aan de dood in de vorm van suïcide of de angst om dood te gaan.

Depressie betekent voor mij altijd dat er iets diep van binnen onder-drukt wordt. Geen ruimte krijgt om te “zijn”. Vaak schiet iemand in beweging zodra dit thema duidelijk wordt.

De depressieve Belg

Zoals geweten scoort de Belg hoog wat betreft psychische problemen. Twintig procent van de vrouwen en tien procent van de mannen krijgt ooit te maken met een depressie. Mogelijk ligt dit percentage hoger omdat veel depressies onder de radar blijven. Paradoxaal worden er soms ook depressies herkend terwijl ze dat helemaal niet zijn. Een rouwproces kent immers gelijkaardige symptomen. Belangrijk dus om bij jezelf te kijken of je niets verloren bent, zonder dat je het zelf beseft. Denk daarbij aan nieuw werk, een verhuis, een scheiding, een kind dat je kreeg, verhuizen naar een ander land etc. Ook een burn-out wordt verward met een depressie. Nochtans is een burn-out geen stemmingstoornis maar een energiestoornis. Dat is iets totaal anders. Het spreekt voor zich dat het dus heel belangrijk is om met kennis van zaken een correct behandelplan op te stellen.

Depressief en nu?

19% procent van de Belgen neemt medicatie voor een psychische stoornis. Dit is zeer veel. Nochtans wijzen alle onderzoeken uit dat 1) medicatie enkel helpt bij zware depressies en 2) psychotherapie altijd eraan moet gekoppeld worden. In België ziet 46% van de personen met een ernstige aandoening een dokter, maar krijgt geen medicatie of therapie. 25% krijgt enkel medicatie en 3,8% enkel therapie. De voorkeur voor medicatie boven therapie is uiteraard het prijskaartje. Een gesprek bij de therapeut of psycholoog kost 50€, niet terugbetaald. Een gemiddeld traject duurt algauw 5 gesprekken over een termijn van tien weken, dat betekent dus 250€, zonder de garantie dat het helpt én je moet dan zelf nog eens het meeste werk doen. De prijs van bijvoorbeeld Seroxat ligt niet boven de 15€ voor 30 pilletjes. Ik ga de berekening niet maken maar het is evident dat ik het liever andersom zou hebben. De benadering van medicatie en therapie, die de norm zou moeten zijn, komt daarom niet overeen met de realiteit want de meeste mensen nemen medicatie zonder therapie. De lange wachttijden, schaamte, schuld, geen geld, niet weten waar naar toe zijn hiervan de oorzaak.

Herken je jezelf?

De lijst van symptomen hierboven schud je misschien wakker. Hetzij voor jezelf, hetzij voor iemand uit je omgeving. Geen paniek: een depressie gaat over. Belangrijk is dat je je goed laat begeleiden en hulp zoekt. Slechts 1 op de 3 mensen zoekt professionele hulp dus ik ben blij dat jij daarbij zit. Je kan Google raadplegen voor een hulpverlener maar nog beter is om hier en daar bij vrienden te horen of ze iemand kennen. Uiteraard moet het ook “klikken” maar onderschat niet de kracht van mond aan mond reclame. Je kan daarmee beginnen. Als het nodig is, kan je nog altijd naar de huisarts voor een voorschrift. Tips om bij de hulpverleners het kaf van het koren te scheiden vind je hier.

En voor iedereen: keep calm, it is just another manic Monday! 

Let it be

  The Beatles wisten het al. Het helpt als je de zaken op hun beloop kan laten, gewoon kan laten “zijn”. Tegenwoordig is het bon ton om los-te-laten. Frozengewijs let it goooooo te brullen en je zorgen en gedachten door het raam te gooien. Dat vinden de meeste mensen helemaal niet zo simpel. Loslaten houdt een beweging in (wég), “laten zijn” rust, stil-staan en stilte (nabij blijven). Een soort van acceptatie ook. Het lastige aan die “weg-beweging”: mensen gooien niet graag alles door het raam en gelijk hebben ze. Meestal is het ook niet nodig om alles weg te gooien. Er zitten namelijk ook mooie kanten aan. Daarom is het soms makkelijker om erbij te blijven en te zeggen: okee, let it be.

Bij tegenslagen, frustratie, ongemak, teleurstelling of groot verdriet neigen we die ellende zo snel mogelijk onder de mat te vegen. We doen dat allemaal op een manier die bij ons past: ervan weggaan (drugs, alcohol, teveel sport of seks, vettig eten, suiker, medicatie), constructies in ons hoofd (piekeren, cirkels draaien, argwaan, excuses zoeken), er eindeloos over doorbomen (analyse op analyse), extern attribueren (iets of iemand anders de schuld geven dus), name it. We willen er van weg of we willen het zeker ánders. Daar gaan we dan heel veel energie in steken om ja, inderdaad, terug het gevoel te krijgen dat we het en misschien wel onszelf onder controle hebben. Helpt dat? Zelden. Blijven we het doen? Vaak. Waarom? Omdat we bang zijn dat als we dat niét doen, we ten onder gaan. 

Hoe zou het zijn om vanaf nu het ánders te doen en tegen jezelf te zeggen: let it be. Varianten in het Nederlands zijn: het is wat het is, dit gaat voorbij, het is onbelangrijk, het is niet zo erg, vertrouw het proces, alles gebeurt met een reden. En wat er gebeurt, wat je voelt, wat je denkt… te aanschouwen. Het niet te onderdrukken, er geen aandacht of gewicht aan te geven, er niet op te re-ageren maar het gewoon te “laten zijn”. 

Hoe zou dat zijn?

“En? Een tweede?”

  Haaaaa! De hamvraag van vandaag. Mensen hebben er eigenlijk geen zaken mee maar steken graag hun neus in jouw seksleven. Wanneer komt dat tweede gebroed van jullie?

Wanneer je geworsteld hebt met nummer 1 en je eindelijk na…hoeveel tijd zou het zijn? Een jaar of twee? Deze vraag hoort vallen, slaat de schrik je misschien om het hart. Wil je wel nog een kind? En wanneer? En hoe weet je nu zeker of je er klaar voor bent? Nou, dat laatste weet je nooit 100% zeker. Spijtig. Er zijn wel een paar indicaties die in die richting wijzen en die ga ik nu geven. Zet je gemakkelijk. :)

1. Je voelt je uitgerust.

Primordiaal om aan een tweede te beginnen: je bent uitgerust en fit. Je hebt reserve. Je voelt je geen mombie doorheen de dag. Je hebt geen dutjes meer nodig, ook al neem je ze nog af en toe. Je kan ‘s avonds op de lappen gaan. Fris en fruitig dus. 

Niet aanwezig? Nog even wachten dan.

2. Je hebt alles min of meer verwerkt.

Je kan dus vertellen over je spoedkeizersnede zonder in tranen uit te barsten. Je kijkt terug op die periode als een boeiende tijd. Je kan een beetje lachen met jezelf als je eraan denkt hoe freakerig je deed over kleine dingen. Je voelt gewoon rust in je hoofd. Zowel over het verleden als over het heden.

Niet aanwezig? Nog even wachten dan.

3. Je krijgt kriebels als je vers babyvlees ziet of hoort of ruikt of voelt.

Duidelijk denk ik.

Niet aanwezig? Nog even wachten dan.

4. Je relatie heeft terug een evenwicht gevonden.

Zoals je weet nu, is je partner heel erg belangrijk tijdens de zwangerschap en de periode na de geboorte. Zeker bij een volgend kind want de zorg van de eerste komt op zijn schouders terecht. Belangrijk ook om te checken of de meeste dingen zijn uitgesproken, er geen kwaadheid meer zit omdat hij naar de voetbal ging op dag 7 én dat je hem voluit vertrouwt. Check ook even of jullie terug voluit en open communiceren. En ook of je partner het al ziet zitten. Niet onbelangrijk.

Niet aanwezig? Nog even wachten dan.

5. Je hebt er terug zin in.

Misschien wel de belangrijkste. Zie je jou het weer allemaal opnieuw doen? De zwangerschap, de bevalling, gebroken nachten, een leven met twee (3,4,5) kinderen, weinig tijd voor jezelf, je lichaam ten dienste stellen, uitgeput geraken, terug stoppen met werken? 

Niet aanwezig? Nog even wachten dan.

6. Positieve gedachten

Zie je het leven meestal positief? Is het glas eerder halfvol dan halfleeg? Kan je jezelf oppeppen bij een slechte dag? Weet je hoe je jezelf overeind kan houden?

Niet aanwezig? Nog even wachten dan.

7. Je wilt nog een kind omdat jij het wilt.

Niet omdat tante Julia het al tien keer heeft gevraagd. Niet omdat er anders teveel tijd tussen zit met de eerste. Niet omdat het goed uitkomt met je werk. Niet omdat je partner het tijd vindt. Niet omdat je de druk van buitenaf niet meer kan dragen. Niet omdat je vriendinnen snel(ler) zwanger waren van hun tweede.

Je wilt een tweede omdat je hart, verstand en ziel op één lijn staan en je geen twijfel meer voelt.

Niet aanwezig? Nog even wachten dan.

8. Lachen

Je lacht terug! Glibberen, slappe lach, giechelen, glimlachen, je ogen staan helder, je voelt de energie door je lijf stromen. Je kan mopjes maken, rollebollen, kietelspelletjes spelen. Humor is terug een wapen.

Niet aanwezig? Nog even wachten dan.

9. Je hebt je medicatie afgebouwd

Anti-depressiva maskeert veel. Je voelt je misschien okee maar hoe de zaken er écht voor staan weet je pas wanneer je je medicatie afbouwt. Daarom niet volledig maar wel voor het grootste deel. Je gaat je ook veel zelfverzekerder voelen wanneer je aan een tweede kind begint zonder dat je afhankelijk bent van een pilletje. Praat er eens over met je arts!

Niet aanwezig? Nog even wachten dan.

Nu ga je misschien denken: wie denkt ze wel dat ze is? Ik zal dat zelf wel bepalen zeker of ik al klaar ben voor een tweede? Damn right you are! ;) 

Veel wijsheid bij je beslissing! 

Wat te doen als je wankelt?

  Soms gaat het de verkeerde kant uit. Zoals de Titanic een beetje. Je denkt dat je het nog wel redt maar opeens voel je je kapseizen. Dat vind je eerst totaal niet erg. Tot de ochtend dat je net hetzelfde wakker wordt als je bent gaan slapen. Je voelt je leeg, ellendig, uitgeput. En dat voelde je gisteren ook al. En eigenlijk de week ervoor ook. Maar kom, je trekt je stoute schoenen aan en begint aan de dag. Naarmate de dag vordert, voel je dat er weinig verandert. Je eet voldoende, je gaat naar buiten, je doet allerlei dingen maar er verandert niets. Je kan alleen maar uitkijken naar het moment dat je kind in bed ligt. Om dan als een hoopje ellende te zitten huilen in de zetel. Of als een blok in slaap te vallen.

Verloren gelopen

Dit zijn de moeilijkste dagen in het moederschap. Ze kunnen soms lang duren en de periode kan ook aanslepen. Het maakt je onzeker en angstig: gaat dit nog wel ooit voorbij gaan? Je weet ook niet meer goed wat je kan doen. Je bent gestopt met delen van je smart want teveel is teveel, denk je. Vriendinnen zijn schaars, die wil je niet blijven lastig vallen. Je partner durf je ook niks meer te vertellen uit angst dat hij je een slechte moeder vindt of je wil laten opsluiten in psychiatrie. Je familie weet ook van niks. Je vader zou zich toch maar zorgen maken, je moeder zou bij je intrekken en je zus met haar drie kinderen weet het allemaal beter. Besides, je wil niemand ongerust maken. Je weet het niet meer en je voelt je alleen. In vroegere tijden wist je wel ongeveer hoe je hiermee kon omgaan maar nu moet je ook nog eens dag in dag uit voor een mini-mens zorgen. Je zou voor minder panikeren, niet waar? 

Wat kan je nog doen?

1. Blijf de goede dingen doen

Ga een halfuur per dag naar buiten, eet, drink, slaap mee met je baby of peuter, beweeg zoveel mogelijk, zoek contact met moeder natuur, dans samen met je kind, zorg voor huid op huidcontact (in bad of in bed), verzorg je zelf.

2. Maak elke dag een lijst van dingen die je wél gedaan hebt

Veel moeders zijn nogal of veel perfectionistisch ingesteld. Daarbij horen vaak to do lijstjes. Je zal merken dat die lijstjes je behoorlijk kunnen irriteren en onder druk zetten. Daarom maak je nu lijstjes van de dingen die je gedaan hebt. Kleine, triviale dingen: je baby in leven gehouden, de vaatwasser leeggemaakt, gedoucht, de post uit de brievenbus gehaald, die dingen… 

3. Kom uit je isolement

Het is echt belangrijk dat je uit je isolement komt. Je partner in de eerste plaats heeft recht op je verhaal, je tranen, je angsten. Als een gesprek te moeilijk is dan schrijf je een brief. Durf ook eens te kijken welke vriendin jou kan helpen. Ze kan luisteren maar ook je praktisch helpen. Begin met kleine stapjes: een zin die je laat vallen tegen iemand, een kaartje schrijven naar een vriendin,…. Je hoeft niet direct heel je hart op tafel te leggen. 

4. Lach alsof

Heel onnozel maar het werkt. Uit onderzoek blijkt dat wanneer we lachen, ook al voelen we ons niet blij, onze hersenen toch gaan denken dat we gelukkig zijn en dat heeft natuurlijk zijn effect. Een goedkoop én gezond anti-depressivum als het ware. Waarmee je je lachspieren gaat trainen is heel persoonlijk. Ik vond Suske en Wiske’s lezen heel helpend in donkere tijden. Die boekjes waren ook net behapbaar voor mijn verloren ondergesneeuwd brein. Maar ik hoor ook andere zaken: films, moppenboekjes, cartoons, toffe liedjes, cabaretiers…. Zoek jouw bron van humor.

5. Verzorg je lijf

Wanneer je geest vast zit, dan is je lichaam dat ook. Vaak gaat eerst je lichaam in blokkade en dan volgt de rest. Het is dus uiterst wijs om je lichaam extra aandacht te geven. Durf daarvoor ook externe hulp in te schakelen van een fasciatherapeut, een osteopaat, een Shiatsu behandelaar, acupunctuur of nog iemand anders. Ook yogalessen of een cursus mindfulness kunnen veel in beweging brengen.

6. Schrijf je negatieve gedachten op

Koop een mooi boekje (kan online als je niet graag buitenkomt) en schrijf je gedachten, angsten en twijfels op. Deel alles. Geen censuur. Door ze neer te schrijven, woorden te zoeken, te benoemen desidentificeer je jezelf er ook een stukje van waardoor het je minder gaat bepalen. Je kan er heel misschien zelfs wat afstand van nemen. Tegelijkertijd kan het emoties losmaken, wat goed is want ook dat zet iets in beweging.

7. Werk aan je gronding

We raken verstrikt in ons hoofd omdat we teveel nadenken. Angst- of paniekaanvallen gebeuren omdat je je zo laat meesleuren door je gedachten dat je de grond onder je voeten kwijtgeraakt. Daarom is het belangrijk dat je ACTIEF dingen gaat doen die zorgen voor een goede gronding. Klassiekers zijn: onkruid wieden, het huishouden, op blote voeten lopen, dansen, schilderen (de muur welteverstaan), iets verbouwen, koken, kunst creëren, opruimen, in de tuin werken, iets in elkaar timmeren, handenarbeid van welke aard dan ook. Wanneer je baby in de draagdoek zit kan je geweldig veel van deze activiteiten doen. Waak ervoor dat je door je perfectionisme en/of uitstelgedrag niet constant een excuus (ja, excuus, niks anders) zoekt om geen actie te ondernemen. De meeste activiteiten kosten geen of weinig geld en geen voorbereiding.

8. Rule your mind

Je gedachten gaan alle kanten op en halen je naar beneden. STOP! Zeg stop tegen je gedachten, sta recht, kom uit bed en kom in beweging. Zoek voor jezelf een zin die je terug op het juiste pad brengt. Hang post-its op, herhaal de zin tien keer per dag, droom ervan,…. Geef je gedachten maar de macht die ze verdienen.

9. Zorg voor voldoende slaap

Slaaptekort is de dooddoener. Alles ziet er zwarter uit dan het eigenlijk is. Je kan niet meer relativeren, in perspectief plaatsen of kijken naar het grotere geheel. Alle hens aan dek dus om je meer slaap te geven. Dit betekent slapen wanneer de kleine dut, om 8u ‘s avonds je bed in, ‘s morgens in het weekend uitslapen want je partner neemt over. Indien nodig vraag je iemand om een paar dagen te komen logeren zodat jij enkel moet voeden of de fles moet geven en verder de zorg overlaat aan meneer of mevrouw Mc Phee terwijl jij slaapt. Dit is geen schande! Dit is slim.

10. Huil

Veel moeders houden het verdriet te lang binnen. Teveel schaamte, schuld, whatever. Dat kan even werken maar tranen zoeken altijd hun weg. En als ze vast komen te zitten in je lichaam dan voelt dat heel beklemmend. Je borstkas doet pijn, je hart krimpt samen, je hele lichaam staat onder druk. Daarvoor is huilen goed! Het zorgt voor lucht en ruimte. Als het nodig is, zet je maar een “bleitfilm” op. It helps.

Dit stadium zullen veel moeders herkennen als een kritische fase. Het is erop of eronder nu. Raak je terug op dreef dan ziet het er goed uit. Andersom kan dit het begin zijn van heel donkere tijden. Je staat op een tweesprong en je weet nog niet goed hoe en welke weg je gaat en kan nemen. Dat zorgt voor veel angst en onzekerheid. Hoedanook: je komt hieruit. Keep the faith.