“Ben ik wel normaal?”

Mensen hebben te hoge verwachtingen over een pas bevallen vrouw. De meeste mensen toch. Veel mensen. Misschien jij daar niet. Maar heel veel andere mensen wel. De partner, de moeder, de schoonmoeder, de kersverse moeder in eigen persoon, ja zelfs de buurvrouw heeft haar gedacht erover. Dit zorgt voor frustraties, ontgoochelingen, onzekerheid, bezorgdheden, spanningen, oververmoeidheid, verdriet en stress. Allemaal zaken waar je als pas bevallen vrouw geen nood aan hebt. Bovendien zorgt het ervoor dat jouw mogelijke borstvoeding op de helling komt te staan. Ook al iets waarvan niemand blij wordt. En elke mama is bang dat ze de enige is  die zich moe voelt en uitgeput, met een niet-bestaand geheugen en jankend om het minste. “Een emotionele vod.” noemde ik mezelf na de geboorte van onze jongste telg en ik vond dat helemaal okee. Maar hoog tijd dus om een paar fabels uit de wereld te helpen.

1. Na een week of twee ben je fysiek er weer bovenop.

Okee, je bent niet ziek maar je bent wel juist be-val-len. Een bevalling is een marathon. Ik geef toe dat dit erg verschillend is van bevalling tot bevalling maar het blijft een heel fysieke gebeurtenis waarvan je moet bekomen. Je verliest algauw 500 tot 800 milliliter bloed en dat kan je voelen. Na een lange arbeid ben je behoorlijk beurs, blauw en uitgeput. Dit heeft tijd nodig om te herstellen. In horizontale toestand. Luister hierbij naar je lijf want elke vrouw is anders. Maar rusten in de eerste zes weken (!) na de bevalling is geen luxe. Het is jouw recht! Dus laat je partner naar de winkel gaan, zorgen voor het bezoek en slaap en rust zoveel mogelijk. Coccoon met je baby in bed en laat alles voor jou doen. Loslaten dat je even geen controle hebt over was en plas is misschien moeilijk maar het loont. En neem een kraamhulp! 

2. Je brein functioneert onmiddellijk weer normaal.

“Ik vergeet zoveel.” zeggen veel mama’s mij. “Dat is normaal.” zeg ik dan. De zogenaamde zwangerschapsdementie stopt niet onmiddellijk omdat je kind eruit is gefloept. Heel veel vrouwen zullen beamen dat door hun nieuwe status als moeder hun geheugen erop is achteruit gegaan. Door de hormonen, door de vermoeidheid, doordat je zó verliefd bent op dat klein hoopje vlees, doordat je aan zoveel zaken tegelijk moet denken opeens. Langzaamaan wordt dit terug beter maar zolang je nachten onderbroken blijven en nog lang daarna, verwacht je beter geen supergeheugen. 

3. Ik mis mijn werk totaal niet en geniet elke seconde van mijn baby.

Voor sommige vrouwen geldt dit. Voor een hele hoop vrouwen totaal niet. Veel mama’s vinden die eerste weken maar niks. Ze missen het sociaal contact met de collega’s, het “zinvol” bezig zijn en vragen zich af hoe ze de kraamtijd moeten doorkomen. 16 weken lijken opeens héél erg láng. Jij bent aan het wennen maar je brein ook. Je brein staat nog op werkmodus. Beetje bij beetje wen je aan je nieuwe leven en “vergeet” je een beetje hoe het was en pas je je aan aan je nieuwe leven. Het is om allerlei redenen maar ook hiervoor beter om maar te werken tot je 38 weken zwanger bent. Dan ben je al een beetje afgekickt van het werk op het moment dat je je baby in handen krijgt.

4. Je bent sociaal direct weer actief

“Ze spreekt niet af met vriendinnen.” Nee meneer, dat is nog wat vroeg. De meeste vrouwen hebben niet zoveel nood aan feestjes, etentjes en cafeetjes in die eerste weken en misschien wel maanden na de bevalling. Ze zijn te moe, te zwak en te geconcentreerd bezig met hun nieuwe leven. Is dat verontrustend? Néé! Je wordt geen asociaal mens zonder leven omdat je een paar maanden of veel langer je prioriteiten anders legt. Je sociaal leven komt wel terug, laat je niet onder druk zetten. Alles komt terug op zijn pootjes.

5. Je huishouden loopt op wieltjes.

“Ik weet niet waar eerst beginnen.” Zeker bij een eerste kind is het zoeken naar een evenwicht tussen zorgen voor je baby en het huishouden. Maar ook bij een tweede, derde of vijfde kan het zoeken zijn naar organisatie. Die eerste weken tot maanden staat  je huishouden op zijn kop. Wees blij als je de ontbijttafel afgeruimd hebt tegen 16u, je zelf iets gegeten hebt ‘s middags en letterlijk niet struikelt over sokken, tetradoeken en uitpuilende wasmanden met strijkgoed. Manage your expectations en schakel je partner, moeder en schoonmoeder in zodat je je geen zorgen moet maken of je kind wel een propere body zal hebben morgen. Het hoeft niet altijd super-de-luxe eten te zijn dat op tafel staat. Eens een omelet bakken is geen misdaad. En als je man erop staat dat hij uitgebreid kan eten als hij thuiskomt van het werk, gaat hij best bij zijn moeder eten. Of nog beter: leert hij zelf om lekker te koken. Voor jou!

6. Je hebt overdag tijd teveel.

Baby’s slapen maar zelden wanneer jij het wil en al helemaal niet wáár jij dat wilt. Die eerste weken en maanden bestaat jouw leven uit: voeden (borst of fles), verschonen, in slaap wiegen, troosten, koesteren en zorgen dat je zelf overeind blijft met gemiddeld 6 uur slaap per nacht, verspreid over 10 uur in bed. Je gaat veel tijd nodig hebben om je baby in slaap te doen en te houden en rustig te krijgen. Uren doorbrengen met je baby op jouw buik, rondjes lopen rond de tafel, de borst geven, flesjes uitwassen, clusteren, boertjes laten, luiers verschonen….er kruipt allemaal veel tijd in. Zeker bij een eerste waarbij je noch efficiënt noch effectief bent in je handelingen, lijkt het dat je dag alleen maar bestaat uit één langgerekte voedverversinslaapwieg-moment. Een goede draagdoek kan hierbij zeker helpen! Maar helemaal geen tijd over dus om wat dan ook te doen die eerste weken: dat is volstrekt normaal en okee. Maar no worries: opeens, op een dag, zit je in de zetel en heb je terug vijf minuten voor jezelf!

7. Je concentratievermogen is top!

Door de vermoeidheid, het nieuwe leven, de 101 dingen die je aan het leren bent, raakt jouw kwaliteit tot focus wat ondergesneeuwd. Een boek lezen is in die eerste weken een uitdaging, een gesprek volgen vraagt extra inspanning, het begrijpen van eenvoudige instructies zoals een wegbeschrijving is moeilijk. Dat is normaal! En het gaat elke maand een beetje beter. Dit wil dus niet zeggen dat je gek wordt. Je bent niet rijp voor de psychiatrie omdat je je niet meer herinnert hoeveel luiers je al hebt verschoond of omdat je je zinnen niet afmaakt. 

8. Je bent emotioneel stabiel.

De grootste misvatting wellicht. Je hoeft geen postpartum depressie nabij te zijn omdat je je niet zo stabiel voelt. Er bestaat nog heel veel tussen een depressie en emotioneel onwankelbaar zijn. De eerste weken en maanden kan je huilen, je onzeker voelen, twijfelen over de zotste dingen, voel je je misselijk worden van angst bij de grote verantwoordelijkheid, kan je paniek voelen bij de gedachte dat dit nooit meer overgaat of voel je je zo gelukkig dat je vreest dat je Prozac nam in je slaap. Dat is allemaal normaal en het gaat over. Dat huilen om het minste dat je kind doet gaat wel nooit meer weg vrees ik. 

9. Je voelt je gelukkig.

Mocht je nog twijfelen na de voorgaande puntjes, lijkt het mij dus heel logisch dat je de eerste weken niet altijd als een happy bunny door de kamer huppelt. Ook dat is normaal! Je leven staat op zijn kop, zowel fysiek, mentaal als emotioneel. Sommige vrouwen kunnen vanaf de eerste seconde op een roze wolk zitten maar als dat niét gebeurt, wil het niet zeggen dat er iets mis is met jou. Je wordt niet gek, je bent niet depressief, je bent geen slechte moeder. Je bent aan het wennen aan een nieuwe situatie. En daar kruipt tijd in. Néém die tijd ook. 

Weet je, in sommige culturen worden pasbevallen vrouwen 40 dagen in de watten gelegd. De mama zorgt enkel voor het kindje en anderen zorgen voor haar. Daar wordt de kraamtijd eer aan gedaan. In ons land wordt er te snel verwacht dat we na een week alweer up and running zijn. Met alle gevolgen van dien. Het is door verkeerde verwachtingen dat je je onzeker gaat voelen. Alsof je een soort superwoman moet zijn. Neem je tijd, mama. Want laat ons eerlijk zijn: je hebt net een kindje op de wereld gezet so what’s the hurry?

“Het is toch gezond, mevrouw?!”

imagePakweg de helft van mijn cliënten zijn mama’s die moeite hebben met het verwerken van hun bevalling. Te snel (ja, dat kan), te lang, te pijnlijk door een niet werkende epidurale, geknipt, in het ziekenhuis in plaats van thuis, ingeleid, kunstverlossing, complicaties juist na de geboorte, een ruwe gynaecoloog die van wacht was, onverwachte beslissingen die werden genomen boven hun hoofd, onvriendelijke vroedvrouwen, onverwachte keuzes die gemaakt moesten worden, een keizersnede.

Over die keizersnede doen nogal wat uitspraken de ronde.

“Het is toch gezond, mevrouw?!”

“Je bent er zo nog het snelste van af.”

“Down onder blijft het in dezelfde staat. Makkelijk.”

“Je weet toch perfect wanneer het wordt geboren? Nog beter: je kan de datum zelf kiezen!”

“Dat is nu toch geen drama?”

“Er zijn ergere dingen!”

“Je moet geen weeën verdragen! Wees blij!”

“Die kindjes zien er altijd zo gaaf uit!”

“Na een paar dagen ben je weer op de been!”

“Met zo een geboortegewicht zou ik opgetogen zijn over die keizersnede!”

“Ik heb twintig uur liggen afzien!”

Allemaal waar. Rationeel gezien dan toch. Emotioneel schuilt er soms (vaak?) een groot verdriet. Veel mama’s voelen zich falen. Op alle vlakken. Hun lichaam laat het nét op dat cruciale moment afweten. Een vrouw bevalt twee, drie keer, soms vier of vijf keer in haar leven. Dat zijn mijlpalen, hoe je het ook draait of keert. Wanneer dat dan niet loopt zoals de natuur het heeft voorzien, dan kan dat heel heftig binnen komen. Dat kan ook nooit meer “goed gemaakt” worden. Het is nu of nooit. Nooit dus voor sommige vrouwen. Ze voelen zich ontgoocheld, teleurgesteld, jaloers op alle vrouwen die wel natuurlijk mogen bevallen, alleen, onbegrepen (zie hierboven bij de uitspraken), verdrietig, boos, opstandig, een drama queen (zie hierboven), onzeker, angstig, bezorgd, schuldig (zie hierboven), beschaamd, verloren, en nog zo-veel meer.  Vaak is een spoedkeizersnede moeilijker te dragen dan een geplande keizersnede. Maar evengoed is een geplande een bittere pil om door te slikken. Wanneer de baby bijvoorbeeld in stuit ligt en een keizersnede zich opdringt, opent zich een scala van emoties dat de mama in spe behoorlijk uit haar evenwicht kan brengen. De toekomstige vader kan allemaal niet zo goed volgen op dat moment (zie hierboven) wat het verdriet van de mama nog groter maakt. Wie begrijpt haar eigenlijk?

De goegemeente vergeet bovendien vaak de implicaties van deze “eenvoudige ingreep”. Het betekent bijna altijd dat je als mama je pasgeboren baby pas twee uur later kan besnuffelen, dat je de eerste uren (soms dagen) niet uit je bed kan. Dan lig je daar, huilt je baby en kan je alleen maar wachten tot een verpleegster langskomt. Een keizersnede is een heftige ingreep. Daarvan herstel je niet zomaar op 1, 2, 3. Zelfs voor een simpele blindedarmontsteking krijg je toch al snel twee weken ziekteverlof. Bij een keizersnede heb je daar bovenop een kleine baby om voor te zorgen. Maar bovenal heeft de vrouw het gevoel dat haar kind haar wordt ontnomen in plaats van dat ze het zelf op de wereld heeft gezet. Ze maakt zich ook zorgen over haar kind dat in een koude felverlichte naar ontsmettingsmiddelen ruikende operatiekamer uit haar baarmoeder wordt gehaald. Zonder enige voorbereiding. Of zoals een mama zei:”Het kind wordt uit mijn lijf gerukt.” Nikste weeën opvangen die langzaam opbouwen, nikste persen en actief je kind baren, nikste je pasgeboren baby tegen je bloot lijf drukken, nikste een uur de tijd krijgen om elkaar te leren kennen, nikste het gevoel hebben dat je elkaar nooit meer loslaat, nikste dichtbij elkaar blijven omdat de natuur dat nu eenmaal zo bedoeld heeft. Bijna altijd worden moeder en kind gescheiden voor een uur of twee*. Dat is soms moeilijk te dragen, te verwerken, ondraaglijk ja. Sommige mama’s maken dit twee of drie keer mee. Te vaak, zeggen ze mij dan. Het blijft een compromis om hun geliefde baby’tje gezond en wel op de wereld te krijgen. Maar is het daarom  makkelijk? Nee. Willen ze het liever anders? Vaak wel. Hebben ze er vrede mee? Zelden. Wees dus waakzaam bij het volgende kraambezoek want een keizersnede mag dan een easy way out lijken, het is en blijft een koude gemedicaliseerde manier om je vlees en bloed het licht te tonen en het leven te geven. Be kind. Always.

*In mijn boek beschrijf ik de “gentle secto”. Zeker de moeite om voor te ijveren als jou een keizersnede staat te wachten!

Veel zachtheid

2015 wordt het jaar van de mildheid en de kwetsbaarheid. Wist u dat al? We gaan met z’n allen massaal op zoek naar zachtheid, liefde voor onszelf en anderen en naar kwetsbaarheid. Over dat kwetsbaar zijn, ging ik nog bloggen maar eerst moet er iets anders van mijn hart namelijk de onweerstaanbare drang van menig mens om zijn rouwende medemens sterkte toe te wensen. Sterft er iemand, dan zijn ze daar:”Sterkte!” of “Hou u sterk!” of “Veel sterkte!” Waar is dat in godsnaam voor nodig? Om de tranen binnen te houden? Om overeind te blijven? Om ervoor te zorgen dat hij of zij niet in elkaar stort terwijl u erbij staat? Hou u voor-al sterk dan gaat het het snelste over? Of: hou u vooral sterk dan heb je er het minste last van? Ik zie mensen zich letterlijk verharden als er sterkte wordt toegewenst. Ik zie hen hun rug recht trekken met de tanden op elkaar waardoor het verdriet (mogelijks) wordt weggeduwd. “Ik moet sterk zijn!!”, klinkt het in dat hoofd! Niet het effect wat u wil bereiken denk ik. Impliciet wordt de boodschap gegeven dat neervallen, uitvallen, kwetsbaar zijn, niet meer weten waar kruipen van verdriet verboden is. Ook niet het effect dat u wilt bereiken, geloof ik. Integendeel: u wil er zijn voor uw vriend, vriendin. U wil laten voelen dat u er bent voor hem of haar. Toch? Ik weet het wel: u bedoelt het goed. Het is een gewoonte. U denkt er niet bij na. U zegt dit al jaren en nog nooit heeft iemand u hiervoor een blauw oog geslagen. Uw moeder zei dat ook altijd. U houdt uzelf graag sterk. U weet geen alternatief.

What about zachtheid? Zachtheid voor de rouwende mens in de eerste plaats (maar voor iedereen in feite). Om het verdriet toe te laten en de tranen te laten gaan en komen. Dat is moeilijk als je sterk moet zijn. Mogen we dan alleen huilen wanneer de gordijnen dicht zijn en niemand er last van heeft? Ik mag hopen van niet. Want tranen laten zien, ook dat is kwetsbaarheid. (ja, die blog komt er echt wel aan). Door zachtheid voor de ziel worden mensen lief voor zichzelf en in tijden van groot verdriet kan dat enorm deugd doen. Zachtjes bij elkaar kruipen zoals alleen kleine poesjes dat kunnen, zonder praten en dan maar gewoon voelen wat er is.

Veel zachtheid wens ik u toe, dit jaar, mijn lieve medemens, in rouw of niet. Veel zachtheid voor uzelf.

IMG_9847

Hoe een procedure aan de essentie voorbij gaat

201005-omag-cake-toasted-almond-600x411Open VLD pleit voor gezamenlijk zwangerschapsverlof. De vijftien weken waar moeders nu recht op hebben, zouden dan vrij verdeeld worden onder beide partners. Met als doel werk en gezin beter op mekaar af te stemmen en de vader ook de kans te geven om op zijn baby te passen en er een band mee op te bouwen. Hoeveel vaders staan hier eigenlijk om te springen? Maar dit terzijde. Het betekent concreet dat mocht een koppel ervoor kiezen dit “eerlijk” te verdelen de moeder na pakweg 7 weken terug aan het werk zou gaan.

Van de pot gerukt
Dergelijke voorstellen laten mijn hart in elkaar krimpen. In plaats van moeders meer tijd en ruimte te geven om voor hun baby te zorgen, te laten wennen aan deze immense verandering in hun leven en hen systemen aan te reiken om hiervoor de tijd te nemen, wordt de aandacht gericht op de vader voor wie het “niet eerlijk” zou zijn dat hij moet gaan werken. Het is toch echt onzinnig te geloven dat we de vader en de moeder over één kam kunnen scheren in dit verhaal. Tot spijt van wie het benijdt: neen, vaders en moeders zijn daarin niet gelijk. Laat ons stoppen met procedures in te voeren om toch die illusie in stand te houden. Ten eerste heeft een vrouw een zwangerschap achter de rug. Voor sommige gelukkigen een periode van één grote zaligheid. Voor een andere ruimere groep vraagt het veel van het lichaam waardoor het systematisch op negen maanden tijd alsmaar zwaarder belast wordt. Met daaropvolgend de bevalling die ook niet bepaald a walk in the park is. Het lichaam van de vrouw wordt tot het uiterste gedreven en heeft daarom ook tijd nodig om te herstellen. Vijftien weken is op zich al weinig (veel jonge moeders die terug werken, lijden onder een chronisch slaaptekort), laat staan dat ze na zeven weken alweer full time zouden paraat moeten staan. De vader, hoe betrokken hij ook is, heeft géén zwangerschap doorstaan en al helemaal geen kind op de wereld gezet. De Wereldgezondheidsorganisatie is nog steeds een vurige pleiter voor borstvoeding. Alle respect voor mama’s die kiezen voor flesvoeding maar wanneer je wél kiest voor borstvoeding is na zeven weken terug gaan werken een doorn in het oog. Borstvoeding geven en de productie op gang krijgen, vraagt tijd en geduld. Heel vaak duurt het wel een paar weken vooraleer moeder en kind op elkaar zijn afgestemd. Stel je voor dat je dan na amper twee maanden alweer moet gaan werken. De dapperen zullen beginnen met afkolven. Maar ook daar weet elke kenner dat afkolven, gaan werken en een baby van twee maanden oud een hele beproeving is. Hoeveel bedrijven hebben overigens ingerichte afkolfruimtes? Of gaan we vragen dat deze jonge moeder, misschien nog nabloedend van de bevalling, haar borsten ledigt op het toilet? Nee toch! Bovendien komt daarbij dat ook al is de vader thuis, de moeder ‘s nachts wél de borst zal blijven geven. Begrijpelijk als ze haar productie optimaal wil houden maar oh zo vermoeiend. De vooropgestelde zes maanden exclusieve borstvoeding in combinatie met na zeven weken opnieuw gaan werken is een dodelijke combinatie. Dit komt niemand ten goede. We werken hier alleen maar stress bij moeder en kind in de hand. En voor we het weten, begint niemand nog met borstvoeding hoewel iedereen weet dat dit de meest ideale voeding is voor een baby.

De eenzame moeder
Sommige vrouwen voelen zich eenzaam nadat ze een paar weken thuis voor de baby hebben gezorgd dus lijkt het een goed idee om hen sneller aan het werk te laten gaan. De vraag is natuurlijk hoe het komt dat ze zich eenzaam voelen. In welke mate heeft ze zich verbonden met haar kind en zich “gesetteld” in haar nieuwe rol? Is het dan een oplossing om haar maar zo snel mogelijk terug de professionele baan op te sturen of schuiven we daarmee onder de mat wat er echt gaande is? Heeft deze moeder niet gewoon meer nood aan ondersteuning en begeleiding in plaats van afleiding op de werkvloer? Hoe zal de impact zijn van dit alles op haar emotionele toestand? En wat gaat het effect zijn hiervan op de relatie met haar kindje? Te snel aan het werk gaan, is funest voor het emotioneel welbevinden van de moeder. Heel veel moeders worstelen elke dag met de verscheurdheid die de combinatie werken en privé met zich meebrengt. Maar ook het kind ervaart hierdoor stress. Een verhoogd stressniveau betekent meer kans op ziekte, wiegendood, eetproblemen en hechtingsstoornissen. Professor gynaecoloog Cammu mag dan wel vinden dat de band tussen moeder en kind enkel de eerste dagen belangrijk is en dat “we daarin niet moeten overdrijven”, veel meer studies tonen het belang van een gezonde moeder-kindverbinding aan. En die band opbouwen vraagt tijd zodat ze diepgeworteld is. En dán, we zijn er nog niet, wordt er  verwacht van de vader dat hij fulltime voor een baby zorgt van zeven à acht weken oud. De meeste vaders staan hierom niet te springen. Want laat ons eerlijk zijn: voor de meeste mannen is het verzorgen van baby’s niet ingebakken in hun DNA. Zijn zij überhaupt wel vragende partij voor deze nieuwe wetgeving? Of is dit wetsvoorstel in het leven geroepen door vrouwen die zich nooit het moederschap ten volle hebben toegeëigend?

De essentie
Waar gaat dit eigenlijk over? Willen we de moeders de boodschap geven dat hun carrière tijdelijk niet mag stil gezet worden om tijd te maken voor wat echt belangrijk is? Of gaat het over de vaders die we om één of andere reden evenveel kansen willen geven als de moeders? Durven we moeders niet verantwoordelijk stellen voor hun kinderkeuze en hen een achterpoortje geven wanneer ze het moeilijk hebben, ook al is dit op lange termijn destructief? Willen we de moeders nog meer de indruk geven dat ze écht wel moederschap en carrière moeten combineren? In plaats van heel ons systeem rond zwangerschapsverlof grondig te herzien, gaan we de weken na de geboorte, deze unieke en belangrijke tijd tussen moeder en kind, inkorten. Hoe moeilijk is het om een voorbeeld te nemen aan landen waar dit hele systeem beter is georganiseerd zoals bijvoorbeeld in Scandinavië? Deze landen staan niet voor niets hoger in de lijst als het over dagdagelijks geluk gaat, simpelweg omdat het moeders ook rustiger en gelukkiger maakt als er voor zoiets essentieel ook vanuit de overheid steun wordt gegeven. Deze steun geven is namelijk niet alleen een taak voor de vader.

Lekkere taart
Alsmaar meer moeders worstelen met het moederschap. Ze leggen de lat hoog, té hoog in een wanhopige poging om werk en privé rond te krijgen, te voldoen aan de 123 normen die ze ervaren en voelen zich geenszins door de wetten in dit land ondersteunt. Dit zet hen ongelooflijk onder druk wat hun moederschap niet ten goede komt en dus ook hun kinderen niet. Ik ben het helemaal eens dat vaders ook de kans moeten krijgen om met hun kind een band op te bouwen. Maar dan kijken we beter naar uitbreiding en comfort der beider ouders in plaats van te raken aan wat essentieel is: gezond gehechte kinderen met twee ouders die in evenwicht functioneren omdat ze de tijd krijgen om zich het ouderschap toe te eigenen én er zich goed bij voelen. Laat ons de taart lekkerder maken en dikker in plaats van de al zielige taart in twee gelijke stukken te verdelen.

Dapperste volk der Galliërs

world_happiness_report_2013_DetailfotoHet is weer zover. Voor de tweede keer wordt het VN World Happiness Report gepubliceerd en verrassing, verrassing: België staat opnieuw ergens op de 20ste plaats van de dikke 150 landen die ze hebben bevraagd. Belangrijkste vragen waren “Voelde je je gisteren gelukkig?” en “Voel je je gelukkig met je leven in het geheel”? Sta uzelf toe eerlijk te antwoorden op deze eenvoudige vragen. We laten blijkbaar landen als Denemarken, Noorwegen maar ook Nederland, Panama en zelfs de Verenigde Staten ons voorgaan op de geluksschaal. Het rapport brengt een aantal parameters in beeld die zouden bepalen hoe gelukkig we zijn als mens. Parameters als politieke vrijheid, sterke sociale netwerken en de afwezigheid van corruptie maken bijvoorbeeld dat we ons gelukkiger of ongelukkiger voelen.

Bange Belgen
Dat het niet zo goed gaat met ons volkje weten we al langer. In Europa staan we op nummer 1 in de lijsten van zelfmoorden, burn-out, depressies en het nemen van bijbehorende medicaties. Uit het Happiness Report blijkt ook dat “mental illness” een belangrijke factor is die ons geluksgevoel beïnvloedt. Gevoelens van neerslachtigheid en angst zijn erg bepalend voor ons geluksgevoel en zelfs belangrijker dan bijvoorbeeld werkloosheid, leeftijd, ons inkomen of zelfs onze fysieke gezondheid. Dit is opmerkelijk en belangrijke informatie omdat Belgen a priori een bang volk is dat wanhopig op zoek is naar houvast in kleine dingen. Toen ik hoorde in een tv-programma dat iemand het “recht op parking” wilde toevoegen aan de Rechten van de mens,  fronste ik toch even de wenkbrauwen over de prioriteiten die worden gesteld in ons land. Zouden we nu echt gelukkiger worden van altijd parking te vinden? Ik ben niet helemààl zeker maar ik betwijfel het ten zeerste.

Vertragen
In het rapport worden twee oplossingen aangereikt om het percentage mentale ziektes te verminderen. Enerzijds een andere (betere?) behandeling. Op dit moment neemt 1 op 2 Belgen een slaapmiddel. Maar ook 1 op 10 Belgen neemt een anti-depressivum. We wiegen onszelf in slaap om niet te moeten voelen. In 50% van de gevallen haalt deze medicatie na vier maanden iets uit (bij milde depressies haalt het zelfs helemaal niets uit) maar de kans op hervallen is ook significant groter tenzij je de medicatie blijft nemen. Dat is nu eenmaal wat anti-depressiva doen: niets. Ze onderdrukken alleen maar. Dus als je er blijvend resultaat van wilt, dan moet je het blijven nemen. Maar wie wil dat? Anti-depressiva onderdrukken emoties, beïnvloeden je zenuwstelsel. Denk niet dat iemand daarvan afhankelijk wil worden. En vooral: wat kost dat de maatschappij? Met gerichte therapie (of andere vormen van begeleiding) is de kans op herval veel kleiner én het kost ons minder. Toch interessant dat we in tijden van crisis blijven geld steken in medicatie die in se geen verschil maakt.  De nieuwe opium voor het volk misschien? Sensibilisering, therapie en begeleiding uit de taboesfeer halen zou dus al een grote sprong voorwaarts zijn. In Nederland maar ook in de Verenigde Staten is een therapeut even belangrijk als je huisarts. Er wordt daarover helemaal geen heisa gemaakt, integendeel. Bij ons word je nog altijd bekeken als zijnde een psychiatrisch geval als je naar een therapeut durft te gaan, wat de eenzaamheid alsmaar groter maakt. En wie zich eenzaam voelt, voelt zich op termijn ook angstiger. Niemand sterft graag alleen of blijft graag alleen over. Het gevoel om bij een grote groep te horen, écht ertoe te doen in iemand anders leven, is een existentieel verlangen.

Jong begonnen
Daarnaast stelt het rapport ook dat we al op jongere leeftijd emotionele ondersteuning kunnen bieden. Niet de intellectuele prestaties of gedrag zijn een indicatie van hoe iemand zich gaat voelen op zijn 34 jaar maar wel de emotionele gezondheid op de leeftijd van 15. Maar hoeveel tijd en energie wordt daarin gestoken? Denk maar aan hoe ons onderwijs is gericht op presteren en je weet het antwoord daarop. Met alles wat we nu weten over de psyche van de mens, hoe deze wordt opgebouwd, hoe belangrijk het is om te kunnen praten over emoties, lijkt het mij net erg belangrijk om daaraan aandacht te besteden. Ik ben grote voorstander van een vak in het onderwijs dat hieraan tijd besteed. Wekelijks. Zoals rekenen en schrijven een vaardigheid is die we leren vanaf prille leeftijd, zo is het kunnen omgaan met emoties dat ook. Ook in de gezinnen is hiervoor te weinig tijd en ruimte. Hoelang is het geleden dat u met uw kinderen een écht Goed Gesprek had over hun leven, hun emotioneel welbevinden en wat ze belangrijk vinden? Of bent u de afgelopen weken vooral druk in de weer geweest met boeken kaften, kinderen op tijd op school krijgen en op tijd in hun bed?

Opgejaagd wild
In ons land wordt er te weinig aandacht besteed aan emotioneel welzijn. Het is belangrijker om een goede job en een groot huis te hebben dan om stil te staan bij wat we nu écht graag willen en hoe we ons écht voelen. Het gevoel van vrijheid is bij veel Belgen ver te zoeken. Werken we ons niet te pletter om onze lening af te betalen, dan is het wel om erkenning te krijgen door ons werk of om onze (schoon) ouders tot in den treure te behagen. Allemaal ten koste van ons zelf. We voelen ons teveel in een keurslijf gedrukt en door de lamentabele emotionele ontwikkeling lopen we tegen een muur en weten we niet hoe we met al deze emoties moeten omgaan. Emoties voelen en er geen weg mee weten, is beangstigend. Het zet ons vast, verkrampt ons lichaam, maakt ons nog angstiger en we gaan alsmaar sneller hollen om daaraan te ontsnappen, liefst met de ogen dicht en het hart op slot. Als opgejaagd wild lopen we weg van onszelf. Het dapperste volk der Galliërs.

Bijna!

Eindelijk! Het is er bijna. Het boek waar al zolang vrouwen op wachten. Waar geen taboes worden uit de weg gegaan als het op moederschap aankomt. Het boek dat geruststelling en herkenning biedt maar ook hoop en vertrouwen voor de toekomst.

Een boek bestaande uit negen hoofdstukken die op een behapbare manier zijn geschreven zodat ook jij, op het dieptepunt van je moederschap, er kan doorfietsen. Met veel tips, inzichten en verklaringen die je rust zullen brengen.

Ook uitermate geschikt als geboortegeschenk of om cadeau te doen aan toekomstige papa’s.

Mis het niet!
Vanaf begin oktober ter beschikking in elke boekhandel en op het internet!

20130815-102837.jpg

Nieuw leven

Een vervelende update van mijn uploadprogramma stuurde heel mijn website in de war. Aarrrrggghhh.

Maar zoals dat vaak gaat, zorgt chaos voor creativiteit dus besloot ik de website van mijn therapiepraktijk nieuw leven in te blazen.  Zelfde inhoud,  andere vormgeving.

Nieuw zijn de workshops “Roze wolk met grijze stippen” die over heel Vlaanderen worden uitgerold. Ga maar eens kijken op http://www.moedergroepen.be

En: welcome back!