Mijn lieve kind


imageWanneer je een rot postpartum periode hebt gekend, komt er soms/vaak een grote berg schuldgevoel bij. Die krijg je helemaal gratis. Je voelt je schuldig naar je kindje toe dat je er zo verdrietig bij liep, er niet helemaal “was” voor hem of haar, je voelt je misschien een slechte moeder omdat je liever een happy mom was geweest of omdat je merkt dat het moederen je minder goed afgaat dan je gehoopt had. Dat schuldgevoel knaagt. Eigenlijk is dat schuldgevoel bedekt verdriet (ja, nog meer verdriet) dat je nooit gedeeld hebt met diegene waarover het gaat: je kindje dus.

In het volwassen leven doen we dit nochtans geregeld. Je hebt spijt over een bepaald gesprek met iemand of je voelt dat je tekort geschoten bent of je bent er niet geweest zoals je wou. Wanneer dat blijft hangen tussen jou en de ander dan borrelt de goesting om daarmee iets te doen. Je stuurt een bod bloemen, je gaat samen iets eten, je probeert de relatie te herstellen zodat het voorval niet eeuwig tussen jullie blijft hangen. Je gaat je ervan vergewissen dat jullie back on track zijn. Dat is ook exact wat je gaat doen met jouw kindje. Een soort van closure van die moeilijke periode en een overgang naar de nieuwe periode. Je sluit af. Je maakt rond. Je rondt af.

Breng het in contact

Je kindje uitnodigen voor een lekker etentje of een Goed Gesprek is misschien wat moeilijk. Maar dit verdriet staat jullie relatie misschien wél in de weg. Je voelt je niet écht verbonden. Je compenseert teveel omdat hij of zij je in de beginperiode al zoveel heeft moeten missen. Je hebt het gevoel dat je iets “goed” te maken hebt. Je houdt wat meer afstand omdat je het gevoel hebt dat je kindje je niet zo graag ziet. Je hebt het gevoel meer vanuit je hoofd dan vanuit je buik te moederen. Je merkt bij jezelf dat er zinnetjes voorbij komen als:”Ziet hij mij wel graag?” of “Zou hij zich dat nog herinneren?” of “Pffff, ik zou mij echt meer verbonden willen voelen.”. Je voelt wanneer jullie samen zijn dat je hart niet overloopt van liefde. De vraag is natuurlijk of dit moét en nodig is. Dubbel antwoord: het is belangrijk en de bedoeling dat die band uiteindelijk sterk wordt, dat is ook jouw betrachting, daar ben ik zeker van. Deze band bepaalt hoe jullie later samen gaan optrekken, of je puberdochter nog gaat komen vertellen wat er bij haar leeft (niet alles maar toch veel). Een hechte band tussen moeder en kind komt iedereen ten goede. Maar, goed nieuws: je hebt tijd om die op te bouwen. Sommige mama’s doen daar langer over dan anderen en dat is helemaal okee. Wanneer je echter voelt dat je nog iets te doen hebt om die band te verstevigen, dat de periode na de bevalling tussen jullie staat of dat je gruwelijk veel spijt hebt over hoe de bevalling is verlopen of dat de borstvoeding niet gegaan is zoals je wou, wanneer je voelt dat er een soort afstand is en dat allemaal overgoten met een saus van Schuld en Schaamte dan is het wijs om daarmee aan de slag te gaan.

Schrijf eens een brief

Je gaat uitleggen aan je kindje wat er allemaal gebeurd is, dat dat niks te maken had met hem of haar en je vraagt min of meer om vergeving. Al vergeef je jezelf vooral het allemaal te vertellen en uit te spreken. Daarom vraag ik vaak aan mama’s om een brief te schrijven aan hun kind waarin ze het één en ander uitleggen. En daarna lezen ze die voor aan het kind in kwestie. Het uitspreken, luidop, daar de tijd en de ruimte voor nemen is van cruciaal belang. Soms is dat kindje nog heel klein maar dat is niet van belang. Bijna altijd worden kindjes heel erg stil en rustig en aandachtig omdat ze voelen dat wat je te zeggen hebt zo belangrijk is. Je stem en je intonatie zullen zich ook afstemmen op wat je te vertellen hebt. En hun hart gaat open. En het jouwe ook. 💙

(Hieronder vind je een voorbeeldje van een mama)

“Mijn lieve kind, ik moet je wat vertellen. Ik ben je mama. Ha! Nu kan ik dat zo zeggen. Nu voelt dat ook zo en zie ik het leven niet door een soort waas. Nu kan ik zeggen dat ik een dochter heb. Maar dat ging in het begin niet vanzelf. Ik ben toen je net geboren was en vele weken en maanden daarna echt overdonderd geweest door jouw komst. Ik had zo naar je uitgekeken, alles was piccobello voorbereid: de suikerbonen, je kamertje, de geboortelijst. Ik was zó blij dat je er eindelijk aankwam. Maar toen je er dan eindelijk was, wist ik het niet meer zo goed. Ik ben toen soms tekort geschoten. Ik kon toen niet altijd adequaat reageren. Ik ben toen soms boos geworden op jou omdat ik het allemaal niet meer wist. Ik heb toen veel gehuild, nu nog soms. Dat spijt mij echt heel erg. Ik wou dat ik toen een betere mama was geweest voor jou. Maar ik wil je laten weten dat dat niet jouw fout was. Echt niet. Mama had het toen moeilijk met zichzelf.

Het voelde ook zo onwennig. Ik wist echt niet wat ik soms met je moest doen, hoe ik mama zijn moest. Dat vind ik nu echt heel erg. Ik vraag mij af of jij je dat herinneren zal. Of dat je misschien een andere mama wilt? Soms denk ik nog altijd dat ik het niet goed doe, dan weet ik echt niet wat ik moet doen om je te laten stoppen met huilen. Of dan lig je in je park en dan vraag ik mij af of ik met je moet spelen. En hoé dan? Ik voel mij echt zo onervaren en onzeker soms. Maar weet je wat, mijn lieve kind? Ik hou ontzettend veel van je. In het begin voelde ik dat niet zo sterk. Dan dacht ik dat ik je graag moest zien, dat is wat anders. Ik zag je dan liggen en dan floepte het door mijn hoofd:”Oh ja, dat is mijn dochter!” Damn zeg. Ik heb een dochter. Ik ben moe-der. Ik was vooral heel erg moe toen. Ik voelde mij nog niet echt moeder van jou. Nee, dat was niet de mooiste periode van mijn leven. En dat spijt mij echt heel erg. Dat heeft ook echt niets met jou te maken. Ik zeg het nog eens: echt niet. Ik was heel blij met jou en papa ook, alleen stond er precies een rookgordijn tussen jou en mij. Ik kon je niet zo goed “zien”. Snap je? Ik zag mezelf ook helemaal niet meer, ik was echt verloren. Jij deed dat natuurlijk geweldig! Ik had mij geen betere dochter kunnen voorstellen, je bent echt perfect voor ons, voor mij. Maar ik wil dus zeggen dat het mij ongelooflijk spijt dat ik er die eerste tijd niet écht ben geweest voor jou. Sorry, sorry. Ik had het graag anders gehad. Maar het is nu zo. Ik doe mijn best, jij ook en samen slaan we ons er wel door. De ene dag al wat beter dan de andere. En ik voel mij alsmaar beter en beter in mijn vel en ik kan nu eindelijk genieten van jou, meestal toch. Soms weet ik het weer even niet meer maar dat is okee. Ik hoop dat je het mij vergeeft. Ooit. Ik hoop dat ik het mezelf vergeef, ooit. Met veel tijd en boterhammen. Ik zie je graag, mijn kind. Dank je wel voor je geduld en liefde en gewoon te zijn wie je bent. Dank je wel om hier bij ons te zijn.”