Het Grote Schuldgevoel 



“Food, love, career and mothers. The four major guilt groups.”

“Motherhood has been an exercise in guilt.”

“Catholics have guilt, Jews have guilt, fine but mothers can trump them all.”

Een snelle Google Search op het woord guilt (schuld) bevestigt wat ik al wist: moederschap en schuldgevoel gaan hand in hand. Het Grote Schuldgevoel. Geven we onze baby de fles, voelen we ons schuldig. Geven we onze baby maar drie dagen de borst, voelen we ons schuldig. Gaan we uit eten: schuldig. Blijven we thuis: schuldig. Voelen we ons gebroken na een maand worstelen met onze pasgeboren baby: schuldig. Zijn we te zacht: schuldig. Maken we ons boos: schuldig. Gebruiken we Pampers, potjes of natte doekjes: schuldig. Maken we gebruik van borstvoedingsverlof: schuldig. Geven we een rijstwafel met zout of confituur met suiker: schuldig. Zijn we blij dat onze kinderen in bed liggen: schuldig. Gaan we werken: schuldig. Blijven we thuis maar knutselen we weinig: schuldig. Nemen we een tweede kind: schuldig. Willen we wat me-time: schuldig. Geven we een ijsje: schuldig. Geven we géén ijsje en begint hij te krijsen: schuldig. Nemen we géén tweede kind: schuldig. En zo kan ik nog u-ren doorgaan.

Schuldgevoel met de grote S
Elke moeder kent het gevoel schuld wel op één of andere manier. Soms knijpt het zelfs letterlijk je keel dicht. Vooral prille moeders kunnen er zwaar onder lijden. Ze voelen zich over alles schuldig en bij alles tekort schieten. Soms belemmert het echt je functioneren omdat je je kind zogezegd niks tekort wil doen maar daardoor verloochen je jezelf, of je relatie of je houdt te strikt vast aan bepaalde ideeën over hoe iets moet zijn wat a priori niet gezond is. Naarmate je langer moeder bent, leer je leven met het sluimerende gevoel of de schuld verdwijnt voor het grootste deel. Dat is het goede nieuws. Om dan weer in alle hevigheid los te barsten wanneer je kiest voor jezelf (terug gaan studeren bijvoorbeeld) of bij een grote beslissing die impact heeft op je gezin. Dat is het slechte nieuws: voor eeuwig en altijd verdwijnen doet het niet gemakkelijk.

“Het is jouw schuld!”
Hoewel schuldgevoel heel menselijk is (de gemiddelde Bonobo heeft er weinig last van), is het geen écht gevoel zoals blijdschap en boosheid dat zijn. Als je kijkt naar een peuter dan zijn de gevoelens nog heel ruw en basic: blij, bang, boos, verdrietig. Daarna komt er verdieping en leert een kind frustratie, verontwaardiging of bijvoorbeeld enthousiasme benoemen. Schuld (maar ook schaamte) wordt ons aangepraat. Eerst door anderen, daarna door onszelf. Bij kinderen zijn we heel vaak op zoek naar de schuldige:”Wie heeft dát hier gedaaaaaan?” (denk er een wijzend vingertje bij en priemende ogen) Naar het hoe en wat of het proces of de context wordt zelden gevraagd. Zo leren we wat schuld is en hoe dat knagende gevoel voelt in onze buik. Schuldgevoel gaat over normen. Schuldgevoel ontstaat in je hoofd, niet in je buik, het is geen basisgevoel. Schuld wordt gestuurd door gedachten, beelden, idealen, woorden van anderen. Soms ook door je geweten. Maar voel maar eens goed: onder schuldgevoel zit altijd een basisgevoel: verdrietig, bang, misschien boos? Heel vaak zit er bij moeders een gevoel van teleurstelling of falen bij. Daar kan je dan dieper op inzoomen en mee aan de slag als je wil. Veel hanteerbaarder ook dan schuldgevoel. Schuld houdt je slim weg van waar het écht om draait. Al te vaak wordt schuldgevoel in relaties binnen gebracht om het vooral niét te hebben over de essentie of wordt het een beetje slachtofferig gebruikt om onder bepaalde consequenties uit te komen. “Ik voel mij zo schuldig.” is een handig zinnetje om een gesprek tot stilstand te laten komen want wat zeg je daarop? Maar dus, moeders hebben er in het bijzonder veel last van en maken zichzelf ermee, laat ons eerlijk zijn, echt soms zot mee. Niks is nog goed op de duur. Ze halen zichzelf veel te vaak en veel te veel naar beneden.

Wat doe je eraan?

Schuldgevoel is echt de vervelendste mug der muggen. Ze blijft maar rond je hoofd zoemen en prikken tot je haar doodslaat. Dat is dus ook wat je te doen hebt: weg ermee. Je. Kan. Niet. Voor. Iedereen. En. Alles. Altijd. Goed. Doen. Dat gáát gewoon niet. Je doet wat je kan, je laat ideaalbeelden los, je herschudt de kaarten, je laat principes los, je geeft je over en je denkt: zo is ook voldoende. Daarnaast is het zinvol om eens te kijken naar je eigen normen en waarden en hoe strikt deze zijn. Neem afstand van wat je aan het doen bent en bekijk kritisch wat je nu zo graag wil bereiken: hoe realistisch is dat? Het is ook heel goed om voor jezelf te voelen wat er ónder het schuldgevoel zit en dan daaraan acties te koppelen.  Als laatste helpen de oude bekenden: bewegen, mindfulness en je verbinden met andere moeders om alles wat lucht te geven maar ook om te kijken hoe andere moeders het doen. Watch & learn dus met andere woorden. Het geeft echt een vrij gevoel als je ziet hoe andere moeders makkelijk over dingen heen stappen waar jij tegenaan blijft hikken (een babysit vragen bijvoorbeeld). Andersom kan jij een andere moeder tonen dat ze zich echt niet schuldig moet voelen omdat ze bijvoorbeeld eens geen suikervrije dag heeft. Hiermee verruim je het kader waarin je denkt en leeft. Je gaat je meer vrij voelen. Als dát geen mooi vooruitzicht is!
Leg die schuldmug dus maar het zwijgen op. Voorgoed.

Een gedachte over “Het Grote Schuldgevoel 

  1. Bijzonder om dit te lezen na een stukje dat ik net zelf schreef over beperkende schema’s. In cursussen op het werk, heb ik overigens ook gemerkt dat schuldgevoelens ‘des vrouwen’ lijken te zijn. In het moederschap zegeviert de schuld, maar ik hoorde vrouwen die geen moeders zijn, praten over schuldgevoelens tegenover hun konijn en hun werkgever. Naast vervelende kaders en schema’s elimineren en op onderzoek gaan naar onderliggende gevoelens, is het cultiveren van het geloof in onze eigen authenticiteit en het besef dat je (misschien vooral?) recht moet doen aan jezelf, een mooie uitdaging…

Reacties zijn gesloten.