Hoe ga je verder na een verloren zwangerschap?

Vorige week was het Vlaamse Kinderwensweek. De organisatie Kinderwens Vlaanderen zet zich in voor ouders waarvoor zwanger worden geen evident parcours is. Moeilijk zwanger worden of niet zwanger kunnen worden, is een groot verdriet voor zeer veel vrouwen. Daarnaast is gisteren de idee geopperd door minister Uyttersprot om ouders vanaf dag één van de zwangerschap de mogelijkheid te bieden om aangifte te doen van hun kind. In een geboorteregister, en als ze dat willen, ook met een familienaam. Ik wil het daarom in deze blog hebben over hoe je verder kan wanneer je een kindje bent verloren tijdens de zwangerschap omdat dit zo een actueel thema is maar ook één van alle tijden.

Een half verlies

Wanneer je een kindje verliest tijdens de zwangerschap (of dat nu vroeg, laat of later is), brengt dat een bijzondere dynamiek teweeg tussen jou, je partner en de omgeving. Hoe die dynamiek eruit ziet, is erg persoonlijk. Voor sommige vrouwen is het een drama, andere vrouwen zetten zich er mentaal snel overheen. Daarover zijn geen regels of wetten. Ook je partner zal op een bepaalde manier reageren. Algemeen gesteld vliegen veel mannen in hun werk en plooien wat meer terug op zichzelf. Vrouwen zoeken dan weer makkelijker lotgenoten en reiken uit naar anderen. Waar praten over dit thema onder vrouwen een evidentie is, kunnen mannen een hele avond op café zitten zonder het te hebben over het kind dat wordt gemist.  Jullie bepalen hoe jullie zich erbij voelen en daarover heeft niemand iets te zeggen. Helaas is het wel vaak zo dat de omgeving per se een mening wil geven.

“Je bent nog jong.”

“Beter nu dan binnen drie maanden.”

“Je hebt toch al een kind?”

“Oh! Je was nog maar net zwangerrrrrr.”

“Wees blij, ik kan niet eens zwanger worden.”

“Wat is daar nu zo erg aan?”

Omdat je kindje nog heel klein was, vindt de omgeving het soms ook een klein triviaal feit, wat het voor jou en je partner dubbel zo zwaar maakt. Zonder dat de omgeving het beseft, kwetst ze je gevoelens. Laat ons eerlijk zijn: meestal weten ze niet wat het juist inhoudt om een kind te verliezen tijdens de zwangerschap. Laat je daarom zoveel mogelijk omringen door mensen die dat wél weten. Dat bespaart je veel goedbedoelde maar pijnlijke opmerkingen. Komt er toch een opmerking voorbij? Haal eens diep adem.

Verlies van verwachting

Of je nu lang of kort zwanger was, je bent de verwachting op een kind kwijt. Je moet stoppen met plannen en dromen. Je kan geen babykleertjes meer kopen. Geen geboortelijst. Geen namen zoeken. Geen fysieke kwalen meer. Geen bolle buik. Je zag jezelf al hoogzwanger naast de kerstboom: schrappen dat beeld. Geen doopsuiker en geboortekaartjes. De zwangerschapskleren moeten terug onder in de kast. Geen getrappel in je buik. Je verliest niet alleen een kind als je je kind verliest maar ook een deel van je toekomst.  Je valt abrupt van de “zwangere groep” terug naar de “niet-zwangere groep”. En dat doet pijn. Heel veel pijn. Hoeveel pijn, dat is afhankelijk van vrouw tot vrouw. Van koppel tot koppel. Daarin spelen veel factoren mee… Of je nu een kindje verliest na 6 weken, 15 weken of 32 weken, je verliest altijd een droom. Natuurlijk zal dat anders voelen en anders zijn op 6 weken dan op 34 weken maar ook hier weer heeft niemand zich daarover uit te spreken. Je voelt wat je voelt. En die rouw kan heel massief binnenkomen.

Rouw is rauw

Wanneer je dan gaat rouwen kan dat ook weer vele gezichten hebben. Ook voor de partner kan dit veel gedaantes aannemen. Vaak hoor ik spreken over pijn in de borstkas, huilen, onzekerheid, angst, isolement, veel willen praten of net weinig, slecht slapen, schuld en schaamte, niet of weinig eten, een intens verdriet, boosheid, paniek, verslagenheid, teleurstelling, ongeloof. Dat rouwen ook een heel fysieke ervaring is, wordt vaak vergeten. “Alsof ik overreden ben door een camion.” Alles doet pijn.  Letterlijk dan. Ook een heel ruim scala van emoties dient zich aan. Ik noem het “vechten met draken”. Rouw is een draak die jij op een bepaald moment in de ogen kijkt. Wellicht ga jij door heel dat proces maar ook je partner. En nee, dat loopt meestal niet synchroon. Op het moment dat jij wil praten, wil hij dat niet en andersom. Jij wil nabijheid, hij wil per se het tuinhuis in orde zetten. Jij bent verdrietig en hij wil de kerken platbranden. Rouwen is een soort van dansen en soms dans je samen maar vaker ben jij bezig aan een traag nummer terwijl je partner aan het headbangen is. Door die verschillende snelheden is het soms moeilijk om met elkaar in verbinding te blijven. Dat zorgt voor een extra uitdaging. Het is immers belangrijk om te blijven openstaan voor elkaars manier van rouwen. In elk geval, laat je niks wijsmaken: al die emoties zijn gezond en menselijk. Neem er de tijd voor om je hersenen te laten wennen aan de nieuwe gedachte. En daarna volgen je geest en ziel en lichaam. Met de tijd zal je voelen dat het leven terug de overhand neemt. Je gaat terug leven in plaats van overleven. Je lacht zonder je schuldig te voelen. Je kan baby’s zien zonder knoop in je maag. De bitterheid stroomt weg. De pijn in de borstkas ook. Hoe dat juist allemaal zijn weg vindt, is heel persoonlijk. Sommigen gaan tekenen, anderen schrijven, nog anderen praten. Je kan een ritueel doen of een plekje maken in huis. Sommigen doen helemaal niets en ook dat is okee. Er zijn geen regels voor. Je kan aannemen dat een stevig rouwproces gemakkelijk twee jaar kan duren. Dat kan, het moet niet. Maar het is heftig, echt heftig.

En dan weer verder

Stilaan zal je merken dat de verschroeiende pijn minder wordt. Je kan terug helderder denken en kijken naar de toekomst. Je durft weer te verlangen naar een kind. Met een klein hartje want wat als? Kan je dit nog eens aan? Kan je relatie die druk nog eens aan? Je weegt af en wikt. Angst zal er altijd wel een beetje zijn. Je wil dolgraag een kind. De gedachte alleen al dat het terug fout zou lopen, knijpt je echter de keel dicht. Er zijn geen regels over wanneer je echt toe bent aan een nieuwe zwangerschap.  Nieuw leven in je buik zorgt vaak voor een pleister op de wonde maar het is pas wanneer de baby er echt is dat er een soort van heling ontstaat. Zonder dat je wil vervangen, brengt die nieuwe baby je weer heel duidelijk bij het leven en dat is het meest kostbare dat je op dat moment kan ontvangen. Ze noemen niet voor niets het kindje dat geboren wordt na een verloren kind een regenboogbaby. De regenboog symboliseert het samengaan van licht en donker, van blijdschap en verdriet. Door de komst van de nieuwe baby is het en-en geworden. Soms zeggen de mensen dat je het verlies eerst een plekje moet geven. (rilling) Ik geloof persoonlijk niet in een kind “een plekje geven”. Je kan een verloren kind geen plek geven. Dat kind draag je heel je leven mee als een steentje in je broekzak (of sjakosh, dat mag ook). En soms hou je de steen in je hand, soms ligt hij voor je op tafel, soms toon je hem aan anderen, soms kan je hem niet loslaten, soms moet je misschien wat harder zoeken in je sjakosh om hem te vinden maar je steentje is er altijd.

Voor altijd.

3 gedachten over “Hoe ga je verder na een verloren zwangerschap?

  1. Ook dat steentje wordt gedragen door de broertjes en zusjes … en dat is nu het enigste wat ze niet verliezen. Dit wordt vaak vergeten door de buitenwereld maar een mama vist ze uit de broek en steekt ze opnieuw in een propere broek. Dat hebben ze nodig. Bevestiging dat ze die steentjes mogen houden, niet stiekem, maar gewoon …
    Het enige waar je op moet letten is dat het steentje met de tijd een warm en zacht steentje wordt, geen harde koude zware steen waarmee gegooid wordt omdat het verwerken te verschillend kan zijn. Die koude harde grote steentjes (helaas meerdere) kunnen leiden tot onbegrip en onrust … en uiteindelijk eenzaamheid.
    Maar als je lang genoeg zoekt is er iemand die je handen uit je broekzak haalt, Je handen voor je opent want ze zijn helemaal verkrampt rond die steentjes voor jaren … en plots worden die stenen warm en zacht … en dan kan je verder met je steentjes in je broek, sjakosh en speel je er onbewust mee …

  2. Het hartje klopt niet meer… Ik vergeet het gezicht van mijn man nooit meer toen de dokter ons in januari 15 deze keiharde boodschap meedeelde.. We hebben er ons samen doorgeslagen, ons steentje samen gedragen, samen… Ik ben nog meer van mijn man gaan houden. Intussen werden we terug zwanger en hebben we een fantastisch zoontje. En gisteren, heel plots had ik volgende gedachte: moest het hartje van ons druifje (ons kindje is nooit groter geworden dan een druifje) toch blijven kloppen zijn, dan had ik dit geweldig kereltje nooit leren kennen. Zo vreemd die gedachte. Maar ook erg zalvend. Mijn verdriet zal altijd blijven, maar ons steentje is zachter geworden en vormt samen met ons drietjes ons verhaal… Voor altijd. Samen.

  3. Alles wat ik hier lees zijn zo herkenbaar: reacties van buitenstaanders (zelfs dichte familie en vrienden), de emoties dat ik en mijn partner doormaken, de pijn, … Onze droom valt in duigen, het enige luchtpuntje dat ik heb is mijn zoontje van nu 17maand. Hij zorgt voor heel veel verstrooiing en eist onze aandacht op maar eigenlijk ben ik er blij mee. De zwangerschap van ons eerste liep niet van een leien dakje. Ik was wel onverwacht, ongepland zwanger, dus de verrassing bij het nieuws was heel groot. De eerste maanden was ik zo ziek als wat en heb zelfs enkele dagen in het ziekenhuis moeten vertoeven om extra vocht te krijgen. Ik heb mijn werk slecht enkele weken kunnen hervatten want toen ben ik opgenomen geweest met enorme pijnen, steken. Het verdict: platte rust – niet meer werken en niet meer sporten. Een ingreep was nodig en daardoor was vroeggeboorte mogelijk. De bevalling was eens zo vlot. In nog geen 2,5u was hij daar. Door dit alles moest ik zeker 1jaar wachten om te gaan voor een tweede. In december vorig jaar kregen we haar veto. We mochten proberen al was extra opvolging wel nodig. Heel vroeg (februari) dit jaar kregen we het al het nieuws dat ons tweede op komst was. Ik wist het heel vroeg, nl. aan 5weken, en ja de misselijkheid en het overgeven moest ik er terug bijnemen. Maar ik zei altijd; het is nu wel de laatste keer en binnen een maand of 2 is het wellicht over. Ik keek zo uit naar nu, naar de bolle buik, naar de stampen, naar de echo’s, het niet meer ziek zijn, … Eind maart was de eerste echo. Alles was perfect. Hij bewoog, zijn hartje klopje, een perfecte baby in wording zei de gynaecoloog nog. De week erna mochten we al terug voor de nekplooi. We waren in de wolken want we moesten maar 1week wachten om hem terug te zien. Daarnaast zei ze dat we ons geen zorgen moesten maken en dat de problemen zoals bij ons eerste quasi niet voorkomen bij een tweede, … Erger dan onze eerste zwangerschap kon niet meer zeiden we toen nog als lachende en vol overtuiging. Niks was minder waar want wat toen nog een droom was veranderde in een ware nachtmerrie. Net een week later bleek ons ventje recent gestorven te zijn, in mijn nabijheid. Ik heb niks gemerkt, niks gevoeld, we konden niks meer doen. Hij bewoog niet meer. Hij lag zo stil. De dag erna lag hij exact op dezelfde manier op de echo. Het deed/doet z’on pijn. Tranen kwamen en blijven maar stromen. Op 5april dit jaar ben ik dan bevallen van ons tweede kindje, van ons tweede zoontje. Velen begrijpen niet dat je als vrouw wel degelijk moet bevallen. Ik ben ons ventje niet zomaar verloren. De bevalling duurde zelfs langer dan bij ons eerste. Die pijn van die dag zal ik nooit vergeten; de bevestiging van tegelijkertijd zwanger geweest te zijn en de dood van ons ventje op hetzelfde moment. Hij was een klein mensje in wording. Hij had alles en was zo mooi (ja we hebben hem mogen zien en vastnemen). Hij moest enkel nog groeien. Ik was bijna 3maand.

Reacties zijn gesloten.